In de voetsporen van Napoleon in Ajaccio

Ajaccio viert in 2019 de 250e geboortedag van Napoleon. Kijk mee in het historische centrum van Ajaccio, de geboortestad van de keizer op Corsica. Je kunt er zijn ouderlijk huis bezoeken en meerdere gedenkplaatsen. Een vorstelijk bezoek!

Het geboortehuis van een keizer

De familie Bonaparte stamt oorspronkelijk uit Genua, maar was vanaf eind 15e eeuw actief op Corsica. Het imposante okergele familiehuis met de groene luiken staat in een smal straatje in de oude stad. Hier werd Bonaparte in 1769 geboren, een jaar na de aansluiting van Corsica bij Frankrijk. Vandaag de dag fungeert het huis als een nationaal museum over de geschiedenis van de keizer en zijn familie op Corsica. Er zijn tijdelijke exposities en je ziet er prachtige oude meubels.

De grot van Casone, waar de jonge Napoleon - wellicht - heeft liggen dromen …

Op een heuvel aan de Cours Grandval - een elegante verkeersader in Ajaccio met chique zomerhuizen uit de 19e eeuw - ligt de grot van Casone in een chaotische omgeving van brokken graniet. Op Corsica wordt graag verteld dat de jonge Bonaparte zich hier terugtrok om te lezen en om over zijn toekomst na te denken. Bovenaan een grote trap staat een beeld van Napoleon met op zijn hoofd de bekende tweekantige steek. Zijn belangrijkste daden staan in steen gebeiteld, zoals het invoeren van het burgerlijk wetboek, het oprichten van de universiteit en de Banque de France.

Ook op de Place Foch eert Corsica ‘zijn’ Napoleon

Deze zonnige esplanade, die naar de zee met zijn veerboten loopt, vormt de grens tussen twee stadsdelen. De ene is de oude Genovese wijk waar Napoleon werd geboren, de andere heet U Borgu en was een volkse voorstad van koraalvissers en leerbewerkers. Begin 19e eeuw werd Napoleon Bonaparte hier de eerste consul. Hij moderniseerde de stad en sloopte de oude muur die de beide wijken van elkaar scheidde. Op de plek ontstond een levendig, druk plein waar Ajaccio ‘zijn’ Napoleon eert met een standbeeld van hun stadsgenoot gekleed als Romeins consul.

De kathedraal: wieg maar geen graf

Napoleon Bonaparte is in juli 1771 gedoopt in dit barokke bouwwerk dat uitkijkt over zee. Hij is altijd van de stad blijven houden, al vertrok hij er al op negenjarige leeftijd. Als volwassen man kwam Napoleon er een paar keer terug voor een verblijf, de laatste keer in 1799 op terugreis uit Egypte. Op een plaat van rood marmer op een kerkpilaar staat wat Napoleon schreef op Sint-Helena: “Als men mijn lijk gaat verbannen zoals mijn persoon is verbannen, als men mij geen stukje aarde gunt, hoop ik dat ik begraven mag worden bij mijn voorouders in de kathedraal van Ajaccio, op Corsica.”

De keizerlijke kapel, laatste rustoord van de Bonapartes in Ajaccio

De as van Napoleon Bonaparte is uiteindelijk in 1861 bijgezet in de Dôme des Invalides in Parijs. Napoléon III had toen in in Ajaccio al een keizerlijke kapel laten bouwen aan het Palais Fesch, als laatste rustplaats voor negen andere leden van de familie Bonaparte. Zo liggen hier de ouders van Napoleon en ook kardinaal Fesch, een oom van Napoleon III van moederskant. Deze kardinaal was een verwoed kunstverzamelaar en schonk de stad een deel van zijn collectie. De werken zijn te zien in de kapel, die door Fesch zelf is ontworpen onder toezicht van zijn neef. Er hangen verder familieportretten, waaronder een aantal van de keizer. Over hem is in de kapel ook een collectie bezienswaardigheden te vinden.